HOME

   HISTORIEK

Deze site is voor het laatst bijgewerkt op 20 januari 2010

 

 

 

RUDI DE GRUYTER.

TRAINER, MANAGER.

 

Boksgeschiedenis

Naar elkaar slaan om te raken en pijn te doen, kan je bezwaarlijk boksen noemen.

In de oertijd zal men ook wel naar elkaar geslagen hebben meestal om te overleven of zijn territorium te verdedigen.

Later om zoals bv. in de Far-west veelal in een dronken bui zijn eer te verdedigen, maar geen enkel gevecht had te maken met boksen. Het was meestal naar elkaar slaan om dan elkaar vast te grijpen en al wentelend over de grond proberen de ander in een soort greep te houden zodat die, als hij dat nog kon, zich noodgedwongen moest overgeven.

Het ontstaan van de bokssport en zijn reglementen:

Het boksen zoals wij dat nu kennen, is ontstaan begin 18e eeuw (het jaar 1700) in Engeland, door schermleraren, zij gaven op kermissen demonstraties en trainingen met de degen, dit was echter niet zonder gevaar, en alzo begon men het degenschermen aan te leren zonder degen, alle stoot en slagtechnieken in die tijd bekend kwamen hierbij aan bod. En dit groeide uit tot schermen met de vuisten, men kon nu elkaar raken zonder ernstig te verwonden. Deze vorm van vuistschermen was de grondlegger van het boksen. Omdat schermen met de sterkste hand (meestal rechts) werd beoefend stonden aanvankelijk de eerste boksers allemaal met hun sterkste hand (rechts) voor, wat toen de regel was noemt men nu een verkeerde garde, in de moderne bokssport staat men met zijn zwakste hand vooruit geheven, en vermits de meeste rechtshandig zijn, staat men dus links voor, de minderheid linkshandige staat rechts voor en dit word een valse of verkeerde garde genoemd. Op de kermissen waar het vuistschermen werd beoefend gingen de toeschouwers in een ronde of kring staan zodat er een ring werd gevormd waarin de boksers elkaar konden bekampen, van hier komen ook de woorden boksring en ronden, ondanks het nu een boksvierkant is, blijft men ring en ronden zeggen. Van 1719 tot 1824 was de bokssport in Engeland de nationale sport. Iedereen kon de sport beoefenen, je had er niets voor nodig en het koste niets. In 1743 werden na zijn bokscarrière door Jack Broughton de eerste boksreglementen op papier gezet, en ruim 100 jaar later in opdracht van de markies van Queensberry aangepast en de toen 229 artikelen goedgekeurd. Deze zijn nu nog bekend onder de naam Queensberry-regels, en zij vormen nog steeds de basis voor de huidige boks reglementen.

De belangrijkste punten van dit reglement waren:

-dat het strijdperk moest afgebakend worden door 4 tot 8 palen verbonden met twee touwen,

-dat men moest boksen met handschoenen,

-dat boksers werden ingedeeld volgens gewicht,

-dat vooraf moest afgesproken worden hoe lang en hoeveel ronden (geen vierkanten) het gevecht zou duren,

-dat er punten zouden worden gegeven aan technieken, aanval en verdediging,

-dat het doel van de wedstrijd moest zijn het behalen van zoveel mogelijk punten in plaats van het toebrengen van lichamelijk

letsel.

Jack Broughton was de man die naast deze boksregels ook de gevulde (zachte) bokshandschoenen, de links voorstaande garde en het benenspel (ontwijken door verplaatsingen) invoerde. Met deze technieken was hij in 1740 kampioen geworden.

Later en tot op heden werden er nog andere zaken toegevoegd om de boksers beter te beschermen, zoals:

-Een boksring (vierkant) met 4 hoekpalen, 4 touwen en een zacht canvas.

-Een kampleider in de boksring.

-Een minimum leeftijd van de deelnemer (is afhankelijk van waar je woont.)

-Dragen van boksschoenen en korte boksbroek.

-Het correct geven van toegelaten slagen met gesloten hand, met de kneukels en boven de gordel.

-Een jaarlijkse medische keuring, plus een medische keuring voor de aanvang van elke wedstrijd.

-Het dragen van een mondbeschermer

-Het dragen van een onderbuik beschermer

-De bandage onder de handschoenen

-De beperking van de duur van de boksronden, (soms 1,5) 2 of 3 minuten

-De beperking van het aantal ronden, minimum 3 en maximaal 12.

-De verplichte rustdagen tussen de wedstrijden afhankelijk van het aantal ronden.

-De verplichte rustdagen bij een verlies voor het einde van het afgesproken aantal ronden.

-Verboden haardracht op het gezicht, snor of baard.

-De verplichting voor het dragen van een helm.

 

Alle maatregelen zij er om de bokser beter te beschermen, al zijn er enkele te overdreven:

-Het dragen van een bokshelm heeft weinig zin, het enige voordeel dat een helm bied is de bescherming van de wenkbrauwen.

Het gebeurt nu zelden dat deze nog gekwetst worden. Nadelen zijn er legio, sommige boksers denken door de helm beter beschermt te zijn, maar dat is niet zo, het puntje van de kin is nog steeds vlot bereikbaar, de slagen komen even hard aan, de helm verschuift soms en dat belemmerd het zicht, ook slagen die van opzij komen worden minder snel opgemerkt, en het hoofd temperatuur loopt in de helm soms zo hoog op dat dit alleen al schadelijk kan zijn voor de hersenen

-De rustperiode voor het niet uitboksen van het aantal voorziene ronden, hier zou men meer onderscheid moeten maken tussen hoe en waarom.

Na elke wedstrijd, met of zonder KO, al dan niet uitgebokst, zouden de ringrechter en arts daar perfect anders over kunnen oordelen en een rustperiode kunnen vastleggen volgens de ernst.

Het kan alleen de sporter ten goede komen, men zou zelfs de lastige helm terug kunnen afschaffen, de sporter zou eerder geneigd zijn op te geven wanneer hij gewaar wordt dat het niet goed gaat, de verzorgen kan eerder de handdoek werpen wanneer hij gevaar ziet, maar mits daar een maand rust op staat doet men dit niet, men is alzo verplicht het gevaar te ondergaan.

Rudi De Gruyter.